De poes en het einde van de wereld
Een korte Friese kindersage, op winteravonden verteld in de Greidhoeke. Een poes weet, zeggen de oude Friezen, hoe en wanneer de wereld zal vergaan. En zij wacht erop op haar terp.
1 De poes en de muis
Op een Friese terp zat een grote zwarte poes en spinde. Voor haar liep een muis voorbij. De poes pakte de muis niet. De muis bleef stilstaan en vroeg: «Waarom pakt ge mij niet, poes?» De poes zei: «Ik wacht op het einde van de wereld. Ik wil hier zitten als het komt.»
2 De vraag van de muis
De muis vroeg: «Hoe komt de wereld dan ten einde?» De poes spinde verder en sprak: «Eerst gaan de zonnen uit. Dan gaan de bomen om. Dan zinken de Friese terpen in de zee. En als de laatste terp zinkt, kom ik op een biezenstoel naar boven drijven en ben ik de laatste levende ziel.» De muis vroeg: «En wij muizen?» «Gij zijt al lang weg, kleine,» zei de poes. «Loop maar door.»
3 De poes en de mens
Een Friese boer kwam langs en hoorde de poes met de muis spreken. Hij vroeg: «Poes, wanneer komt het einde?» De poes keek hem aan en zei: «Vraag mij dat niet, mens. Wij weten dat onder elkaar. Gij weet het niet, en gij hoort het niet te weten. Want wie de dag van zijn dood weet, leeft niet meer.» De boer ging huiswaarts. Hij vergat de hele zaak in een week, want hij had werk genoeg. De poes bleef zitten op de terp, en zit er, zegt men in de Greidhoeke, nog vandaag. En de wereld is nog niet vergaan, maar de poes spint en spint, en zij weet wel beter.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


