De dolende Peelridder
Ridder Hendrik van Meyel verdwaalde in november 1378 in de Peel tijdens de jacht. Zijn lichaam werd nooit gevonden. Volgens de Meijelse traditie doolt zijn geest sindsdien in de Peel. In 1978, op de zeshonderdste verjaardag, hield het dolen op.
1 De jacht
14 november 1378: Hendrik, achtentwintig jaar, joeg met drie metgezellen op een witte hert dat één week eerder bij Meijel was gezien. De jacht voerde diep de Peel in. Bij valavond raakten zij gescheiden. Hendrik volgde het hert verder; de drie metgezellen keerden om. Hendrik kwam niet terug. De volgende dag werd vergeefs gezocht. Zijn paard werd vier dagen later gevonden, leeg, op de veenrand. Het lichaam nooit. De Peel slokt op.
2 Zeshonderd jaar dolen
Sinds 1378 zien Meijelaars op stille veen-avonden een ridder in volle wapenrusting tussen de moerasplassen lopen. Hij vraagt nooit hulp. Hij zegt soms één zin: «Welke kant naar Meijel?» Wie de weg wijst krijgt geen dank — de ridder volgt de gewezen weg en verdwijnt opnieuw, want de Peel verandert. In 1978, op 14 november (zeshonderdste verjaardag), liep Marieke Verberne van zestien terug van de bushalte naar haar ouderlijke boerderij. In de mist zag zij de ridder. Hij vroeg niet de standaardvraag. Hij vroeg: «Hoe oud ben jij?» Marieke: «Zestien.» De ridder: «Ik was achtentwintig in 1378. Ik ben moe. Mag ik met jou meelopen tot Meijel?» Marieke knikte. Zij liepen samen, zij in 1978-jas, hij in 14e-eeuwse wapenrusting. Bij de eerste straatlamp van Meijel verdween de ridder zonder afscheid. Sindsdien is hij niet meer gezien. De Peel is van één geest minder; Meijel is van één verhaal rijker.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


