De Kiepenkerl van Münster
Op een pleintje in de oude binnenstad van Münster, daar waar vijf straten en steegjes samenkomen bij de Spiekerhof, staat een bronzen man met een grote rieten korf op de rug. Hij draagt een blauwe kiel en een pet, houdt een pijp in de mond en een knoestige stok in de hand, en kijkt half spottend de straat in. Iedere Münsteraar kent hem. Dat is de Kiepenkerl, het onofficiële zinnebeeld van de stad en van het hele Münsterland.
1 De man met de korf
Een Kiepenkerl was geen held uit een sprookje. Het was een beroep. In het Nederduitse taalgebied tussen het Sauerland en Hamburg trokken tot ver in de negentiende eeuw rondreizende marskramers te voet van hoeve naar hoeve en van dorp naar stadsmarkt. Op hun rug droegen ze de Kiepe, een hoge draagkorf van hout en vlechtwerk. Daaruit komt de naam: Kiepe plus Kerl, korf plus kerel, meer zit er niet achter.
Wat in die korf zat, hing af van de richting waarin hij liep. Naar de stad toe: eieren, boter, gevogelte, alles wat de erven van het Münsterland opleverden. Terug naar het platteland: zout, garen, naalden, lint, tabak en wat de kramer verder nog aan de man kon brengen. Zijn kleding was even herkenbaar als zijn last: een wit hemd, een zwarte das of een bonte halsdoek, een vest, daaroverheen de blauwe linnen kiel, een linnen broek, klompen of leren schoenen met kousen en hoge slobkousen, een pet, een pijp en een wandelstok.
En hij bracht meer dan waar. Hij bracht nieuws. Wie op een afgelegen hoeve woonde in een tijd zonder krant en zonder post, hoorde van de wereld precies zoveel als de man met de korf ervan wist te vertellen. Daarom werd er voor hem gedekt, daarom mocht hij in de deel slapen, en daarom kwam hij overal binnen.
2 Hoe een beroep een figuur werd
Hier past een eerlijk woord. De Kiepenkerl is geen persoon uit één verhaal. Er is geen naam, geen geboortejaar, geen sage waarin hij de duivel te slim af is. Hij is een beroepstype dat langzaam tot volksfiguur werd, en de anekdotes die over hem de ronde doen zijn latere kleuring, grotendeels uit de negentiende en twintigste eeuw, toen het beroep zelf al aan het verdwijnen was.
Begrijpelijk is die kleuring wel. Wie overal binnenkomt en met iedereen praat, krijgt vanzelf de trekken van een sluwe prater: de kerel die weet welk verhaal bij welke deur hoort, die een prijs afdingt met een grap en die het laatste woord houdt. In het Nederduitse toneel en in de heemkundige verenigingen van het Münsterland leeft hij zo voort, in kiel en klompen, als de spraakzame kerel die zijn brood verdient met praten.
Toen het echte beroep uitstierf, kreeg de figuur een sokkel. De Münsterse verfraaiingsvereniging gaf de opdracht aan de beeldhouwer August Schmiemann (1846–1927), een geboren Münsteraar. Zijn beeld was 175 centimeter hoog, van gips met een galvanische metaallaag, en kostte 2960 mark. Op 16 oktober 1896 werd het plechtig ingewijd op het pleintje dat toen nog Neuer Fischmarkt heette en dat wij nu als Spiekerhof kennen.
3 Tweemaal opgericht
Het beeld overleefde de zware luchtaanval op Münster van 10 oktober 1943, terwijl de stad om hem heen in puin viel. Juist daarom werd de onbeschadigde kerel in de oorlogsjaren ingezet als zinnebeeld van Westfaalse standvastigheid. Lang duurde dat niet: bij de intocht van het Amerikaanse leger in 1945 werd de gipsen figuur alsnog vernield, geraakt door een tank.
Münster liet hem niet liggen. Na de oorlog maakten de beeldhouwers Albert Mazzotti en Heinrich Ostlinnig een nieuwe versie, ditmaal in brons gegoten, naar het voorbeeld van Schmiemann. Op 20 september 1953 werd zij op dezelfde plek onthuld, en de man die het doek wegtrok was bondspresident Theodor Heuss. Sindsdien staat de Kiepenkerl er onafgebroken. Vlak ernaast schenken twee herbergen die naar hem heten, de Grote en de Kleine Kiepenkerl; de hele buurt draagt zijn naam als Kiepenkerlviertel.
Wie bij hem staat, staat midden in Münster. Twee minuten verderop loopt de Prinzipalmarkt, de straat van de trapgevels en de arcaden, na 1945 steen voor steen herbouwd. Daarachter rijst de Sint-Paulusdom, met binnen de astronomische klok waaraan vanaf 1540 werd gebouwd; rond het middaguur komen de Drie Koningen tevoorschijn en buigen voor Maria met het kind. Om de oude stad heen ligt de Promenade, ruim vier kilometer lindenlaan op de gesloopte vestingwal, vanaf 1770 aangelegd en vandaag gesloten voor auto’s. Münster is een fietsstad, en de Kiepenkerl ziet ze allemaal langsrijden, de korf op de rug, alsof hij zo weer op weg gaat.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


